Schuttenboer

Schuttenboer op ‘de Schutterij’.

Schuttenboer anno 1973

De Schutterij is een zeer oud buurtschap in de huidige gemeente Oost Gelre, gelegen ten westen van Lichtenvoorde tussen Harreveld en Zieuwent. Ooit stonden hier op korte afstand van elkaar de boerderijen van Schutten, Hinnassen, Krabbenborg en Slat. Krabbenborg is waarschijnlijk de oudste boerderij in dit buurtschapje want deze is van voor 1460.

De naam Schutten komt van het opstallen van loslopend vee. Een schutter was iemand die ervoor moest zorgen dat loslopend vee, waar geen hoeder bij was, werd gevangen en aan een schutpaal of in een schot/hok werd vastgezet.

Gezien de naam Schuttenboer is boerderij Schutten de eerste Schuttenboerderij. Uit een akte van 5-10-1637 blijkt dat Johan te Krabbenborg eigenaar is van het Schuttenstede. De oudst bekende generaties op deze boerderij worden wisselend Krabbenborg, Schutten of Op Schuttenstede genoemd. Aannemelijk is dus dat al voor 1600 hier een Schutten heeft gewoond.

Deze Johan of Jan te Krabbenborg moet rond 1600 zijn geboren, halverwege de tachtigjarige oorlog. Later worden zijn zoon Jan te Krabbenborg en zijn kleinzoon Derck te Krabbenborg hoofdbewoner op boerderij Schutten. De kinderen van deze Derck dragen allemaal de naam Schutten. Dochter Jenneke Schutten trouwt op 2 mei 1723 met ene Jan Hulshof, en zij worden de nieuwe hoofdbewoners. Zij krijgen twee kinderen, maar korte tijd later overlijdt Jenneke. Daarop hertrouwt Jan Hulshof in 1732 met Teunisken Krabbenborg, het nichtje van Jenneke, dat op Slat is geboren. Zij krijgen op boerderij Schutten nog 8 kinderen. Eén van deze kinderen, dochter Janna Hulshof, trouwt met een Herman Isereef, en weer dertig jaar later – inmiddels leven wij begin 19e eeuw ten tijde van Napoleon – trouwt hun dochter Antonia Isereef met een Theodorus Henricus Manschot. En zo wordt een familie Manschot hoofdbewoner van boerderij Schutten.

Op 8 mei 1873 doet de naam Wolters zijn intrede als Schuttenboer. Op die dag treedt Gerardus Johannes Wolters in het huwelijk met Hendrika Manschot, de oudste dochter van Gerrit Jan Manschot en Engelina Maria Wopereis. Gerardus Johannes Wolters, zoon van Hermanus Wolters en Berendina Wieggers, is geboren op boerderij Korte Wolters, een van de boerderijen op De Wolterij, thans Manschotterweg 2. Hij trekt in op boerderij Schutten en samen met Hendrika krijgen ze drie kinderen: Dina (geboren in 1875), Johannes Bernardus (1880) en Johannes Hendrikus (1882). Op latere leeftijd besluit dochter Dina het klooster in te gaan, zoon Johannes Bernardus trouwt en neemt de boerderij over, en de jongste zoon (Ome Drieks) blijft vrijgezel en tot zijn dood op de boerderij wonen.

Johannes Bernardus Wolters trouwt op 1 mei 1911 met Hendrika Hummelink (van Winterink) en sticht een groot gezin op boerderij Schutten. Naast twee doodgeboren kinderen krijgen ze 7 kinderen: zoon Jan (1912), zoon Antoon, ook wel Schutten Tone genoemd (1914), dochter Maria (1916), zoon Joop, de latere poelier (1920), zoon Bernard (1921), dochter Willemien (1923) en de jongste zoon Willem (1926).

De oudste zoon Jan verlaat de boerderij voor een opleiding tot priester aan het Groot Seminarie Liesbosch Princenhage bij Breda. Hij wordt tot priester gewijd en werkt jarenlang als pastoor in de parochie H. Hart van Jezus in de Koepelkerk te Maastricht. Daardoor schuift zoon Antoon automatisch door als opvolger van Schuttenboer. Dochter Maria krijgt medio oktober 1932 erge buikpijnklachten. Uiteindelijk wordt ze in Groenlo geopereerd aan een acute blindedarm en een buikvliesontsteking. Ze zal daar niet meer echt van herstellen en overlijdt op 17 jarige leeftijd op 19 september 1933.

Het is de nacht van 8 maart 1937 en ineens is het volle paniek. Boerderij Schutten staat in lichterlaaie. Het is een hels kabaal als de bewoners wakker worden, de kap van de boerderij is al verdwenen. Iedereen weet zich snel naar buiten te spoeden, alleen de radio en wat muntgeld wordt meegenomen. Het paard dat op de deale stond weet zich los te rukken en te ontsnappen. Het arme dier moet later vanwege zijn verwondingen worden afgemaakt. Het vuur verspreidt zich met een hels kabaal en dan is het plotseling erg stil. Alles is verbrand, inclusief het vee. Van de boerderij is niets meer over…

Sinds de brand zit de schrik er flink in. De restanten van wat er over is worden in de grond gestopt, en daarboven wordt met de wederopbouw van de boerderij begonnen. Besloten wordt om uit veiligheidsoverwegingen alle slaapkamers op de begane grond te maken en het woonhuis wordt vergroot met een stuk van de deale en gescheiden van de deale door een dikke brandmuur. De familie woont zo lang in het kippenhok. Maar in juni 1937 kan de nieuwe boerderij alweer in gebruik worden genomen. Wel wordt aan de overkant van de weg dichtbij de boerderij een grote brandkolk gegraven. En nog jaren later komen stukken porselein uit de grond rond de boerderij…

Rekening van de gebinten voor de nieuwe boerderij.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Schuttenboer, net als vele andere boerderijen in de streek, een toevluchtsoord voor onderduikers uit andere delen van het land. Op de zolder tussen woonhuis en deale was bij de aanbouw een loze tussenruimte gecreëerd door het aanbrengen van een 2e (nep)muur van aangesmeerde stro. Deze zolder was te bereiken via een luikje in het plafond van de WC. Diverse onderduikers hebben hier een tijdje gebruik van gemaakt en zijn nooit ontdekt. Na de oorlog trouwde dochter Willemien met één van hen, Henk Steur, en verhuisde naar Eindhoven.

Op 8 september 1948 trouwt Toon (Schutten Tone) met Marie Wolters (Lindebooms Marie). Zij is dan 22 jaar en ruim 11 jaar jonger dan Toon en trekt bij Schuttenboer in. Dan wonen op de boerderij naast het pas getrouwde stel de vader en moeder van Toon, Ome Drieks en zijn jongere broers Bernard en Willem. Weinig privacy, alleen een eigen slaapkamer. En het is hard werken en een druk huishouden. In 1949 wordt zoon Bennie geboren. Moeder Marie wordt ernstig ziek, zij blijkt geelzucht te hebben en wordt een tijd opgenomen in het ziekenhuis. Een gezinsuitbreiding laat daarom nog even op zich wachten maar daarna worden achtereenvolgens de dochters Henny (1952), Ria (1955), Marga (1957) en Ans (1959) geboren. In de tussentijd zijn wel de broers van Toon, Bernard en Willem getrouwd en hebben de boerderij verlaten om elders in Harreveld te gaan wonen. Eind augustus 1959 overlijden in een tijdsbestek van 5 dagen Ome Drieks (77 jaar) en de vader van Toon en opa voor de kinderen, Johannes Bernardus Wolters (79 jaar).

In de jaren 60 is er met een groot gezin van opgroeiende kinderen en een kleinschalige boerderij weinig tijd en geld. Marie runt het huishouden en doet de boekhouding. Toon en Marie zijn in sommige opzichten tegenpolen: Toon is erg behoudend en wil het liefst alles behouden zoals het is. Marie is daadkrachtig, innovatief en ziet de noodzaak van vernieuwingen. Er komt een douche, een telefoon, een tractor en een bromfiets. En op 40 jarige leeftijd neemt ze rijlessen en na het succesvol afgelegde examen een tweedehands auto, een kever. Van investeringen in het boerenbedrijf wordt afgezien omdat Bennie en geen van de dochters het boerenbedrijf ambieert.

In de jaren 70 verlaten de kinderen de een na de ander de boerderij voor studie en/of het opbouwen van een eigen leven. Bennie trouwt met Willemien Grotenhuis, bouwt een bungalow aan de Lindeboomweg in Harreveld en gaat daar wonen. Ze krijgen een zoon en een dochter: Rolf en Lianne. De dochters vertrekken ook naar elders en wonen thans in Enschede, Didam, Duiven en Lichtenvoorde. Door oplopende spanningen in de relatie tussen Marie en haar schoonmoeder wordt in 1974 besloten dat het beter is als laatstgenoemde bij haar andere zoon, Joop Wolters (de poelier) intrekt. Daar overlijdt Hendrika Hummelink op 95 jarige leeftijd in september 1978.

Rond 1983/1984 wordt besloten te stoppen met het boerenbedrijf. En in 1985 vindt een woningruil plaats: Toon en Marie gaan wonen in de bungalow van Bennie aan de Lindeboomweg 27 in Harreveld en Bennie gaat met zijn gezin terug naar het oude honk en wonen op boerderij Schutten. Zo blijft de naam Wolters verbonden aan Schuttenboer hoewel van een boerenbedrijf gaan sprake meer is. Toon overlijdt op 75 jarige leeftijd na een kort ziekbed in het ziekenhuis van Winterswijk, terwijl Marie 94 jaar wordt voordat ze in haar slaap overlijdt in verzorgingstehuis de Antoniushove in Lichtenvoorde.

Boerderij Schutten wordt in 2004 gesplitst in twee woningen, waarbij Bennie en Willemien in het voorhuis blijven wonen en dochter Lianne Wolters met haar gezin in het verbouwde achterhuis.

Februari 2022 Opgetekend door Bennie, Henny, Ans en Lianne Wolters. Foto’s gemaakt en beschikbaar gesteld door Martin van Maarseveen.

De bewoningsgeschiedenis van Schuttenboer, Rector Hulshofstraat 18.

Hoe moet ik het overzicht lezen? Deze bewoningsgeschiedenis is het resultaat van noeste en volhardende arbeid van Anton Stortelder. Om het overzicht goed te kunnen lezen is het verstandig om de inleiding van zijn boek ‘Bewoningsgeschiedenissen van boerderijen in Harreveld’ door te nemen welke u ook op deze site vindt.

Lader Bezig met laden…
EAD logo Duurt het te lang?

Opnieuw laden Laad het document opnieuw
| Open Openen in nieuwe tab

Download [138.71 KB]